zondag 14 maart 2010

Niet best.

Ik stap in Kalenberg op de Colly. Na een weekend werken wil ik nu graag naar huis, via de Havelterberg, is de bedoeling. Het waait de hele dag al ontzettend hard. Windkracht 5 ! En ik weet dat me, na een stukje wind mee, een heeeel lang stuk tegenwind staat te wachten. Ik vang nog één glimp zon op en dan wordt de losse bewolking boven mij een aangesloten stuk grijze massa. Dag zon, voor vandaag.

Ik waai echt letterlijk door via Wetering naar Scheerwolde. Even mijn versnelling bereik testen. Leg de ketting op het grote blad, achter op de kleinste. (Dus de zwaarste versnelling.) Ik trap met de wind in de rug 42 per uur. Met een lage cadans, (metertje doet het ff niet) ik denk 60... Dus dat kan op dezelde versnelling nog wel wat harder.

Al snel bereik ik Steenwijk, schiet rechtsaf de klinkers van Zuidveen over. Met die vaart is dat wel goed te doen. Blijk te vroeg links te gaan en maak een onzinning ommetje. Dan via Onna de A32 onderdoor over de Havelterberg en dan uitbollen naar de rotonde. 25  kilometer in 50 minuten. Tot zover wind mee.

Ik draai naar het noorden en bereid me voor op een dik uur tegenwind. Tegenstorm. Oei, zere benen. Nog steeds van de krachttraining 5 dagen geleden? Zou toch niet moeten. Met name mijn linker quadriceps. Lijkt wel een beurse plek, een knoop, die erin zit. Niet goed.
De sombere lucht laat nu de motregen over gaan in echte druppels en ik stop om de regenhoes over mijn nieuwe fietsrugzak te trekken. Een fluoriserend ding, mooi zo, lekker opvallend. Verjaardagskadootje van mijn ouders (deze is het dus geworden, pap, mam.)


De regen maakt me niet zo veel uit. Ik citeer uit een interview met Cancellara "Het is maar regen" . Precies, mee eens. Maar waait het in Zwitserland ook vaak halve stormen? En moet hij daar dan ook doorheen? 
Plotseling keldert de moraal. Mijn benen willen absoluut geen gang maken, na Wilhelminaoord keldert ook mijn hartslag. In een windvlaag (tegenhangen!) zakt mijn snelheid onder de 20 en ik heb geen zin en geen energie om dat ongedaan te maken. Ik voel nu een uitstralende pijn links in mijn bekken, door naar mijn linkerbeen. Kracht zetten doet nog eens extra zeer. Vreemde pijn, komt dat door de rugzak??
Mijn hartslag vertoeft daardoor in de herstelzone. Misschien moet ik dat maar gaan doen, herstellen, bedenk ik me. Rust. Morgen niet spinning, geen krachttraining, maar een afspraak met de huis masseur. Dat lijkt me een beter idee. 

Doorregend, doorwaait, moe en zeer kom ik thuis. Na een douche nestel ik me voor de tv voor de herhaling van de klassiekers die vanmiddag gereden werden. In het zonnige zuiden. 

52,6 km
2:03 uur


vrijdag 12 maart 2010

Vluggertje

Mijn planning wordt in de war gestuurd als mijn verjaardagsbezoek al om 18:00 uur wil komen in plaats van 20:30. En of er pannenkoeken geserveerd kunnen worden. Nou.... hm, okee. Maar ik piep er wel even tussenuit voor mijn wekelijkse RPM Alpe d'Huez clubje. Dus met de pannenkoeken net door mijn slokdarm snel ik naar de sportschool, waar ik als laatste plaats neem op de RPM fiets en ook nog eens een 'leen' bidon(netje) moet gebruiken, door al die haast. De mededeling dat ik op tijd weg ga wordt door de groep 'klimmers' weggejoeld. 'Kantjes ervan af' en 'taart' en dat soort dingen. Pffff, denk ik. Nu leid ik niet aan grootheidswaanzin, maar laat ze eerst maar eens zélf die Alpe op fietsen, voordat ze commentaar op míj leveren.

Wel nu, dat fietsen ging wel ok, totdat ik halverwege even naar de kleedkamer snel om mijn bidon nog eens te vullen. ("Wel terug komen he!!") Daarna gaat het voor geen meter meer. Ook niet zo raar, want 2 dagen geleden heb ik het nieuwe krachttrainings programma afgewerkt. En jawel, spierpijn (overal!) was het gevolg. En nou heeft mijn lijf er genoeg van en gaat in de spaarstand. Ik ben mild vanavond, en halverwege het nummer voorafgaand aan het uitfietsen begin ik alvast met uitfietsen. Hopla, knop linksom. Lekker zonder weerstand. Zou Eric/k dat doorhebben. (Nu wel in ieder geval.) Als iedereen krom over zijn fiets ligt uit te hijgen (en degenen die dat niet deden moeten harder fietsen) stap ik af, met pap in de benen, echt waar. "Ik ga." De mededeling dat we nog niet klaar zijn zwaai ik vriendelijk weg. Terug naar de visite.
En morgen een rustdag.

woensdag 10 maart 2010

Hoera!! 29 jaar!!

Ik heb héél even de tijd tussen de verjaardagsvisite door om een duurritje op de Colly te maken. Onder een dik pak bewolking, die de hele dag al boven het noorden hangt en mijn verjaardag niet zonnig kleurt. Maar dat maakt niet uit, ik werd al zonnig gehumeurd van de nieuwe MTB wielset Mavic Crossride die ik vanmorgen geheel onverwachts kreeg van J. En naast de nodige fiets literatuur, de overschoenen en de bloemen ben ik ontzettend blij met deze:

Voor de vrouwelijke kant, zeg maar;-)


34,2 km
1:13 uur

maandag 8 maart 2010

Tussentestje

Na een krappe 2 maanden vertoeven in de catacomben van de sportschool, waar een hoop zwart ijzer en folterapparaten klaar staan om elke vrijwilliger te pijnigen, is het tijd voor het tussentestje. Jawel, het sportschool protocol eist na 20 krachttrainigen( ik maakte er slechts 12...) een tussentest. Dat heb ik vandaag maar 'even' voor de RPM les gepland.

Eric/k staat te wachten met zijn opschrijfblaadje. "Eh... laat dat getest van die armen enzo maar zitten hoor." open ik. "Niet belangrijk."  Eric/k kan zich daar wel in vinden en we besluiten alleen de (hoge)rugspieren en de benen op de leggpress en de buikspieren aan een testje te onderwerpen. Respectievelijk 5 maal weg gedrukt: 45 kilo en 110 kilo. Met enige opstart hulp. (`Je gaat toch niet de dag ervoor je lam rijden met een clubtraining, als je weet dat je een tussentest hebt!!` was Eric/ks verbolgen reactie) Ik wel dus.
Enfin, 20 kilo extra is al een verbetering ten op zichte van 2 maanden geleden. Gelukkig wel. Woensdag krijg ik een nieuw schema voor de laatste 4 weken.

Erna een RPM les van mijn naamgenoot. Deze keer weer volgens het officiele programma. De klimnummers gaan lekker volle bak en de rest gebruik ik om bij de te komen. Hoewel het erg moeilijk is je in te houden, want RPM instructeur Marieke heeft een ontzettend opzwepend entousiasme!

25 km
0:45 uur

zondag 7 maart 2010

Pijn, pijner, pijnst

Na een dagje algehele brakheid gisteren, toch maar met de Hoekie's trainen vanmorgen. Het is stralend weer, en ik heb mijn zonnebril weer boven water. Ik peddel rustig naar Oldemarkt, één van de oppik-stations. Ik wacht 10 minuten, oefen ondertussen eindeloos mijn Lubberding-bochtjes. "Moet zeker warmdraaien" is een opmerking van een langswandelende kerkbezoeker. Op de starttijd, kwart voor 10, is er nóg niemand, dus ik trap door naar Witte Paarden. Na 300 meter zie ik alsnog een hoekie. Hij komt uit Lemmer, heeft een opzetstuur op zijn racer en vertelt dat hij voornamelijk tijdritten rijdt... Ondertussen rijden wij nog géén 30 per uur naar WP, waar ze om 10 uur vertrekken. "We hebben nog 3 minuten." is de opmerking van de TijhdritHoekie na enkele kilometers. Het kwartje valt nog niet.... we zijn er toch bijna? Nee dus, de tijdrijder maakt een beetje vaart en ik kom hijgend aan bij oppik station #2, waar iedereen op ons staat te wachten.
"Zo, dat kwartier-schema is wel wat krap," concludeer ik en public. "Ja, hèhè, dat is berekend bij een snelheid van 35 per uur." wordt er terug gelald. Zo, we zijn weer bij de les. Hier wordt niet gelummeld.

Met z'n negenen vandaag. En na 2 kilometer blijkt iemand de vaste route te hebben verlegd en kletteren we eerst 3 kilometer over vooroorlogse klinkers in Zuidveen om met een boog naar Wanneperveen te rijden. Er blijkt niet veel ruimte voor warmfietsen want na de eerste rij klinkers gaat het gelijk al best hard. Met de wind in de rug is 37 per uur wel te doen, tot je op kop komt. Ik hoor wat geluiden "zijn we aan het koersen ofzo?". Waarschijnlijk van een Hoekie die nog niet eerder meereed op de zondagmorgen. Met Sietste rijd ik op kop door Wanneperveen, we rijden rechtdoor waar we links hadden gemoeten en de halve groep moet omkeren. Handig, zo fietsen we weer fijn achteraan.

Langs de grote weg N-nogwat rijden we met de wind in de rug lekker snel. Zonder al te veel moeite. We worden kundig door Zwartsluis gelootst en dan gaat Hoekie -Manuel 'maar even voor'. Hij wil er wel eens wat snelheid inbrengen en als we de Kadoelerweg op rijden spoort hij de groep aan. "Maar even doordraaien, jongens?"en tegen mij;" Ga jij maar eerst op kop Marieke." Ik vermoed nog niet veel. Maar als ik na een paar tellen op kop links wordt ingehaald door de gehele vloot, met een beduidend hoger tempo, is het snel begrepen. Ik zet aan om weer aan te haken. Manuel nu op kop. Manuel is de huis-derny. Het draait snel door, zie ik nou 42 km/uur op mijn teller. Tijd om nog eens te kijken heb ik niet, want dit gesleur doet pijn in mijn benen en longen. En de hoogste concentratie is vereist, zeker voor zo'n groentje als ik.
Ik ben alweer aan de beurt op kop, en laat me direct weer terugzakken. Dat is het hele idee achter dat draaien. Eenmaal teruggezakt,  dán moet je! Dan moet je weer aanhaken, dus je hebt welgeteld nul komma nul seconden om bij te komen. Na 2 keer op kop te hebben gereden draai ik niet meer mee. Ik zou sterven. Ik zit in het staartje erachter. En hé, ik ben niet de enige. Ook de tijdrijder houdt het doordraaien voor gezien, zo ook de Hoekie-junior.

Het hele spektakel duurt gelukkig niet lang. Eerst zakt het tempo al terug naar de 38 per uur, als de wind vat op ons krijgt. En bij de volgende rotonde is het klaar. Slechte timing van de Hoekie-derny om nu te vragen om een extra groot rondje. Wat mompelend wordt er gemopperd en men kiest collectief voor Marknesse, ipv Kampen.  We keutelen door naar Marknesse en dan sturen we richting Emmeloord.

Hoekie-Jouke en ik zitten nét op kop -en het gaat weer niet kinderachtig- als de bebouwing van Emmeloord opdoemt. Beide zijn we niet helemaal fit (geweest), Jouke kampte van de week ook al met een verkoudheid en in momenten als deze voel je dat ongenadig in je benen.
De vorige keer reed ik ook op kop en ging ik op de rotonde fout. "Zul je zien dat we weer fout rijden, zou mooie tactische zet zijn." Jouke is het helemaal met me eens. Om -bleek later- ons niet de ventweg op te leiden, wordt er van achter geroepen RECHTS!!. Dus wij slaan op de rotonde rechtsaf en dat doen we erg overtuigend. Dat bleek dus niet de bedoeling, wéér de hele trein ontregeld, de helft op de rijbaan de helft op het fietspad, je snapt hoe dat gaat. Rechtdoor moeten we. Jouke en ik sluiten weer ergens achteraan aan.

Van Emmeloord naar Kuinre wordt er weer doorgedraaid. Ik doe weer mee en kan het nu langer volhouden. De wind hebben we tegen. Ai. Halverweg houd ik het voor gezien en voeg me in het staartje. Dat nu bestaat uit 4 renners. De 5 draaien op kop door. De Hoekie-Junior wappert er een keer vanaf, maar dat is niet erg. Hij heeft ook hard gefietst in het doordraaigroepje vooraan. Als hij erbij is gaat het gas er weer op. In Kuinre bollen we uit, zoals dat heet.

Er wordt getreuzeld. Dat kunnen die Hoekie's heel tactvol, want altijd als het uitbol tijd is kom ik op de een of andere manier vooraan te fietsen. We draaien de dijk op, de Derny geeft zijn koppositie aan mij. Nou, eens kijken of ik ook gang kan maken. Net de 34 per uur, oei wat gaat het zwaar. Wind van opzij. "LINKS!!" hoor ik achter me. Huh? Dat gaat niet hier... Ah, links op de weg bedoelen ze. Okee, ik schuif op, de Hoekie's er een beetje naast. Het is maar kort, we rijden de dijk af naar Ossenzijl. Wind tegen, gas op de pedalen. Een klopje om mijn rug, een Hoekie blijkt onder de indruk. Ik glunder.

Wat duurt het lang tot Ossenzijl.... We zijn er volgens mij ook één kwijt? Ik tel acht. Ik rijd ook nog een paar keer mee op kop, maar kan de laatste keer niet aanhaken. Hoewel er maar 5 meter tussenzit roept mijn voorganger iets met 'Marieke' en 'eraf' en 'wacht'. Shit, denk ik.  Nou ben ik het die wordt omgeroepen.
Gelukkig zijn we al in Ossenzijl. Even bijkomen. Ik mag weer op kop als we Ossenzijl uitrijden, nog 2 kilometer naar Oldemarkt en daar is het klaar met dit gesleur. De Hoekie trein passeert me links, zoals het hoort. En zoals het niet hoort, maar wel zoals het gaat, blokkeer ik gigantisch. Volloper. Opperdepop. Klaar met de geit. Kwestie kannietmeer. Het aanhaken gaat niet meer lukken en Jouke rijdt om me heen het gat dicht. En nou?
Fietsen!!! Heel hard, op je hardst, om bij te blijven. Wat een pijn. Ik voel iets in mijn benen wat ik niet eerder heb gevoeld. Ja, verzuring, dat ken ik wel. Vierkante benen ook. Maar weet je, meestal kapte ik er dan ook gewoon mee. Dan schakelde ik lichter en dan maar wat langzamer die berg op, of dan maar niet bijblijven. Maar nu is dat geen optie. Honderden meters lang stoemp ik door met die zere benen, om maar niet te ver achterop te raken.

Dan heeft Hoekie-Jouke het in de smiezen. "Die gaat er niet meer bij komen.'"  zie ik hem denken en hij laat zich afzakken. Ik kruip naar zijn wiel en hij schroeft het tempo weer op naar 32 per uur in de tegenwind. Dan aanschouwt de Hoekie-huisderny ons ook, en brengt ons de laatste 300 meter terug. We zijn er, in Oldemarkt. Het gas eraf, een lekrijder, even kans om het zuur eruit te peddelen. De eerder geloste Hoekie nummer 9 kan komt ook weer aansluiten.

Tjong, wat heb ik lekker gefietst. Ik rijd lek 4 km voor thuis. Na een collectief schouwspel van 'hoe wisselt een vrouw een band' (niet, dus) zijn we na 100 kilometer terug in Wolvega. Waar ik thuis op mijn Edge een maximaal gereden snelheid constateer van 44,9 km per uur. Koersend wielerland zal er zijn schouders over ophalen, maar ík vind dat heel hard!

100,3 km
3:16 uur

zaterdag 6 maart 2010

Oeps

Ik kreeg onlangs de opmerking van een lezer dat de laatste blog ("leuk geschreven"-dank u-) wel weer een poosje geleden is. Valt wel mee toch, dacht ik. Maar nee, zie hier, vorige week maandag. We schrijven nu -zogenaamd- zaterdag. Alsof ik de rest van de week op mijn gat heb zitten vegeteren. Voor een korte opsomming op het tegendeel te bewijzen moet ik mijn trainingslogboekje erbij pakken. Je wat?

Alsof ik nog niet genoeg schrijf, noteer ik ook alles wat ik doe 'aan sport'  in een klein notieboekje. Nu doe ik dat graag, want ik heb een zwak voor mooie notitieboekjes. En naast mijn sportieve logboekje heb ik ook nog een heus plakboek. Een iets groter van model dan het trainingslogboekje, en alles wat de moeite waard is plak ik daarin. Alles wat herinnerd moet worden. Of alles wat er leuk uitziet, zoals de merkkaartjes die aan mijn nieuwe merinowollen thermoshirt van Icebreaker zaten:


*zoekt ondertussen in 3 tassen naar trainingslogboekje* Dat ding gaat overal mee naartoe dus zit nogal eens in verschillende tassen. Ah, hier. Nou, verwacht geen waslijst; Woensdag een duurtraining op de Colly en vrijdag een RPM les in de sportschool, met een bescheiden krachttrainingssessie daaraan vooraf. Zaterdag wegens weekendwerk én algehele brakheid en opkomende verkoudheid (snel een overdosis vitamine C) de training laten schieten.
Daar word ik trouwens ook steeds beter in. Niet trainingen laten schieten an sich, maar luisteren naar je lijf. Het klinkt heel irritant voor degene die liever gewoon gaat trainen, maar het is wel wáár. Ik denk tegenwoordig maar, als ik nu ga trainen doet het meer afbreuk dan dat ik er op vooruit ga. En dat helpt.

Zo, tussen alle andere verplichtingen door -housekeeping, kids, vent, werk, nieuwe eetkamerstoelen zoeken- probeer ik mijn blog bij te houden. Ik beloof niet veel beterschap, maar beter te laat dan nooit.
(Geld niet voor de wielrennerij;-)

wo
50 km
1:55 uur D1

vr
30 km RPM
1:00 uur

maandag 1 maart 2010

Lente!

De eerste dag van maart is de start van de meteorologische lente, is mijn verteld. Zowaar, de zon schijnt vandaag uitbundig. De stevige wind is fris, maar achter het glas van de vergaderzaal is het onuitstaanbaar warm. De roep om te fietsen schalt over de velden van Overijssel. Tjilp tjilp. Mijn arbeidsdag eindigt in Hasselt vandaag. In de auto staat de Colly al de hele middag op me te wachten. Tegen half 5 mag hij eruit. We gaan onszelf uitlaten. De lente is begonnen en de eerste kilometers dartelen onder de wielen door.

Krrggg....!
Hm, ik schakel nogmaals. Krrrgggg. Ships. Er gebeurt vrij weinig, de versnellingskabel hangt als een slappe waslijn onder de buis. Op het buitenblad dan maar, maar nog steeds weigert mijn achterderailleur langs de kleine blaadjes te schuiven. Tot zover ons gedartel, nu begint het gespartel. De Colly toont gebreken. Meer dan me lief is, mijn achterwiel is namelijk net terug van reparatie (iets met lagers) en nu krijgen we schakel problematiek. Als ik afstap en eens aan mijn wiel voel- heen en weer- merk ik dat er speling op zit. Dat voelde ik dus de laatste trainingen. Ging er vanuit dat het her en der in de bocht glad was, maar het is dus mijn achterwiel die dat gevoel bezorgd. Die kan dus weer terug naar de fm. Zucht.

Wel, ik moet toch thuis komen, en dat is nog wel een eind fietsen. Dan maar op het grote blad. Terwijl ik al fietsend Johan sms van deze toestand, word ik ingehaald door een Rabobank renner. Althans, zoals ik al zo vaak gefopt ben door raborenner die (-later blijkt een besnorde 60 plusser-)  'van achter' wel eens Bram Tankink zou kunnen zijn, maar van voren een biervust op zijn bovenbuis heeft liggen. Maar deze Rabo heeft wel een erg hoge cadans en ook een witte Giant. Is dat niet ook het materiaal van de Rabo profs? Het enige wat hij niet heeft is snelheid. Dus als we in Zwartsluis voor de brug moeten wachten haal ik hem bij. Er staat een naam op het frame, maar ik kan het niet lezen in het voorbij rijden. Het lijkt me wel een jong ventje.

De Rabo kijkt in de volgende 10 kilometer 4 keer achterom. Tja jong, als jij niet doorfietst.... Ik peddel in D1 richting Wanneperveen en hij gaat ook die kant op. Ik peddel er achter aan en sla linksaf, hij rijdt rechtdoor, naar Mepppel.

Windkracht 4, noordwest. Dat betekent dat het nu wel gedaan is met de stukjes wind mee. Ik ben net onder Steenwijk en aangezien de Colly plotseling weer redelijk begint te schakelen, kies ik toch maar voor de omweg naar huis. Over de Havelteberg dus. En daarna heb ik alleen maar wind tegen, 45 kilometer lang. De zon gaat onder, na half zes begint het fris te worden.

Na 57 km ben ik na half zeven net voor het donker thuis.

57 km
2:12 uur

zondag 28 februari 2010

Door de regen

Vandaag in dit werk weekend toch nog kunnen fietsen. Soms kan je namelijk het nuttige met het aangename verenigen en stap ik op Bosbosfiets voor een boswachtersronde door en over de Woldberg en de Eese. Het bos bij Steenwijk. Maintenant, Chef du Bois; in voorgaande zin is nuttig het fietsen, aangenaam is het werken. (Mijn lezersgilde breidt zich soms uit naar de verste uithoeken.... Ongekend.)

Met mijn grote boswachtersschoenen op de pedalen en het -nog schone- groene uniform begroet ik -toch nog- een hele hoop bosbezoekers. Ze groeten vriendelijk terug, ze zien graag een boswachter op de fiets. Ook in de regen, net als zij. Ik doe het theehuis aan voor een praatje, maar als ik daarna weer opstap komt het toch weer met bakken uit de lucht. Ondanks het gematigde tempo en het behoedzaam plassen omzeilen komt mijn pak onder de bruine modder spetters en raakt nu wel erg doorweekt van de gestage regen. Net als mijn handschoenloze handen nu wel erg verkleumen. Tijd om naar huis te gaan.

vrijdag 26 februari 2010

Nog heel even...

...nog een weekendje met regen doorstaan en dan lijkt de lente toch echt te komen in Nederland. Yes yes yes. Buiten fietsen, in de zon. Fluitende vogeltjes, die heerlijke voorjaarsgeuren. Kom maar op.

Vanavond eerst nog een avondje spinning. Ook dat loopt straks op zijn eind; de spinning en lessen en krachttraining in de sportschool. Dat kwartje valt ook bij Erik vanavond (spinning instructeur cq personal krachttrainingscoach.) Na een ruim uur spinning zit ik beneden in de fitnesszaal op een folterapparaat mijn lage rugspier te pesten. Enigzins verontrust begint hij; "Wanneer ben je hier klaar dan? In mei toch?"
Ik; "Mwah...in mei zeker wel. April begint het wegseizoen voor de wielerclub, dus dan eigenlijk..."  Erik begint te rekenen en komt tot de conclusie dat we zsm wat aanpassingen moeten doorvoeren in het programma. "En een tussentest!" besluit  hij streng. Mij best. De laatste 4 weken dus een programma op kracht met snelheid.

Na anderhalf uur kan ik voldaan naar huis. Goed begin van een weekend, ware het niet dat ik een werkweekend heb. Eens kijken of ik er nog een training in kan fietsen, tussen het werk en het Vlaams wielrennen door...
Allemaal niet vergeten, het klassieker openingsweekend op Sporza. Genieten!!

30 km
1:10 uur

maandag 22 februari 2010

Ride easy

Ride easy is een spinning term. In 'mijn' sportschool, gebruikt door 'mijn' instructeurs. Ride easy is de 'handjes bovenop'. Midden van het stuur. Rustig aan, zoals ride easy bedoeld is.

Daarna komt racing. Meestal wordt er verwacht bij racing dat je het beentempo opvoert, de handen moeten daarbij naar de zijkant van je stuur, alsof je op je remgrepen zit. Racing is op mijn Colly -in het echie dus- net zo comfortabel als ride easy. Want ik bepaal zelf wanneer ik het tempo opvoer. (Een enkele zondagmorgen uitgezonderd.)

Dan komt aero racing. Dan pak je je opzetstuur, waarmee zo'n spinningfiets is uitgerust, aan de bovenkant vast. Je lijf moet dat zo klein mogelijk zijn. Vanwege de rijwind natuurlijk.
Ik het echie heb ik geen opzetstuur. Of een tijdritstuur, wat er erg op lijkt. Maar ik rijd dan ook geen tijdritten. Ik heb wel rijwind.

Vanmorgen deed de instructeur zijn best ons tot grote prestaties op te zwepen, maar ik hield het mild en vertoefde stiekum in ride easy, en verzon de rest erbij. Ik wilde enkel wat uittrappen na de training van gisteren, De instructeur geloofde mijn performance. De balie vrouw (normaal zo als ik zeg, achter de balie) naast mij ook. En dat is ook training; intimideren van je tegenstanders.

25 km
0:45 uur

zondag 21 februari 2010

Gekkenwerk

Het is serieus gekkenwerk. Om 9:15 uur stap ik op de Colly, op de dunne bandjes rol ik de straat uit. De straat waar een meter breed de klinkers zichtbaar zijn, de rest is weer eens bedekt met sneeuw. Een dun laagje, dat wel. De zon schijnt -waar is toch die zonnebril die ik 7 maanden geleden voor het laatst op had ??- en ik fiets in de vrieskou Wolvega aan de zuidkant uit.

De bedoeling: in Oldemarkt eventuele clubleden opwachten en dan via het verzamelpunt WP de training uitrijden.
De werkelijkheid: na een paar honderd meter over de ventweg lijkt de sneeuwdeken om mij heen steeds dikker te zijn. Ook de weg zelf is voorzien van een laag. Het lijkt in de zon nu wel te dooien, maar sommige stukken knisperen onder mijn banden. Dit is toch niet te fietsen??! Na de brug keer ik -uitgeklikt- voorzichtig om. Ik ga terug, dit is niet te doen op een racefiets. Er komt mij in de verte een renner tegemoet. Nog een gek. Een driehoek? Hij remt af. Nee, een renner in een rood-blauw Weerman tenue, hij remt ook af en stopt. "Dat wordt niks, hè?" Die conclusie trok ik ook al, hij volgt mijn voorbeeld en keert om. We rijden net Wolvega weer in als er 3 Hoekie's aan komen rijden. Jouke, Sietse en Mark (toch?) Ik waarschuw voor de besneeuwde weg verderop, maar ze gaan toch zelf kijken en na 300 meter trekken ook zij dezelfde conclusie.

Andere route, we geven niet zo maar op. Behoedzaam rijden we over besneeuwde klinkers en straten van Wolvega, naar de weg naar Kuinre. Die ventweg lijkt wat beter begaanbaar te zijn. De zon doet haar best, maar om 8:40 uur kun je nog geen schoon gedooide wegen verwachten. We rijden in een rustig tempo in 2 sporen van een enkele auto die ons (gisteren?) voorging. De sneeuw wordt drab, de drab lijkt glad. Ik fiets in een wiel, als hij gaat, ga ik misschien niet. Ik hou dikke meters afstand. Het lijkt verderop alleen maar erger te worden. De Weerman-renner haakt af en keert terug. Hoekie-Jouke is de dapperste onder ons "Ik ga door", zegt hij en doet dat ook. Onder het motto "Als hij het kan, kan ik het ook" rijden de 2 andere Hoekie's en ik achter hem aan.

Ik vind het link, Sietse naast mij ook. We temporiseren en houden voldoende afstand. Toch voel ik de Colly niet glibberen over de sneeuwsmurrie. Kleddernat word ik echter wel. Zeiknat is een beter woord. De slushpuppie sneeuw is ijskoud (joh) en zit overal op me. Mijn tenen beginnen langzaam maar zeker af te koelen. De zon kan ik voelen op mijn dijen. In de zwarte broek voelt de zon warm, een beetje.

Voor Kuinre blijkt het fietspad helemáál onder de sneeuw te zitten. Toch lijkt het niet erg glad en met een kilometer zijn we zo in het dorp, dus we gokken het erop. Stoppen even, want het is wel een foto waard.


In Kuinre blijkt de weg door het bos zo glad als een kikker en kiezen we dan maar de dijk. In eerste instantie richting Oldemarkt, maar tot onze verbazing is de dijk sneeuwvrij. Die ligt al lekker in de zon op te warmen. Het smeltwater spettert om onze oren. Een schone weg is niet te negeren, dus we kiezen de richting van Blokzijl. 

Ik fiets voorop naast Hoekie-Jouke en we kletsen wat, ondertussen waait de windkracht 3 recht in onze snufferd. Mijn zinnen komen er hakkelend uit, ik kan me beter bezig houden met ademhalen. De laatste km's naar Blokzijl lijken wel erg lang te duren, maar dan toch: Blokzijl. 
We draaien naar het noordoosten en krijgen de zuidenwind een beetje mee. Vlak voor Steenwijk vind ik de koppositie wel best en draaien door.

Na Steenwijk zijn mijn tenen ondertussen zó afgekoeld, dat het zeer begint te doen. We moeten nog 13 km naar huis en ik vind het helemaal niet erg dat ik niet op kop zit. De dorpen Wilhelminaoord en De Blesse komen snel en ik ben enigszins verbaasd als de 3 heren plotseling beginnen te sprinten. Ehm... en nu? Het plaatsnamenbordje is nog een kilometer weg toch? Dat blijkt dus inderdaad niet het doel van de sprint te zijn, het bruggetje 100 meter verderop wel. Als ik weer ben aangesloten rijdt Sietse lek. Hoe verzin je het, 500 meter voor huis! We kijken toe hoe hij een band wisselt en besluiten de training maar als afgerond.

Ik snak naar warme voeten!! Auw, wat kan kou zeer doen. Jouke komt met een warme voeten tip. Ik beken dat ik elke keer weer denk "dit zal toch wel de laatste keer zijn, dat het zo koud is?"  Nee dus. Ook deze training kan gelabeld als sneeuwrit. 
Over 6 weken rijden we met z'n allen in Limburg, in de zon en met korte broeken!! Okee, met 3 kwart broeken. Als dat eens kon...

61,7 km
2:30 uur (netto ongeveer)




zaterdag 20 februari 2010

Driewegsluis

Als ik net heb ingeklikt op de Colly komt de visite aanrijden, mijn ouders. Zo, die zijn op tijd. Als ik zeker weet dat ze zich de aankomende anderhalf uur ook wel zonder mij vermaken ga ik alsnog op weg voor een duurtraining. De wind komt geografisch gezien van een lastige richting; West-Noord-West. Al mij favo rondjes hebben dan op de terugweg wind tegen. En ik wilde vandaag uitert relaxt trainen. Ik moet er wat spierpijn uit rijden, maar de zware benen die ik vanmorgen voelde, heb ik in ieder geval niet meer.

Ik kies voor via Oldemarkt naar Kuinre en dan met de wind mee naar huis. Het wordt hem echter niet, want als ik bijna bij Oldemarkt ben en dikke sneeuwbuien uit het westen zie aankomen, besluit ik maar wat dichter bij huis te blijven. Het moet immers een herstel training worden. Dus zeiknat regen/sneeuwen past daar niet in.
Ik draai voor Oldemarkt rechtsaf, door de weilanden linksaf. O ja, deze weg brengt me weer in Oldemarkt. Ik ben zo onderhand rare rondjes aan het rijden. Bordje met Driewegsluis. Dat wordt het dan maar, en al na 3 kilometer kom ik bij de sluisjes. Ik stap af, want ik durf, vastgeklikt in de Colly, deze hindernis niet te nemen.


Driewegsluis heeft naast 3 vaarwegen ook een boel bruggetjes.


Na dit sluisje volgt een schelpenpaadje. Met een crosser ben je hier beter op z'n plaats. Dan -waar ik normaal altijd linksaf ga- zie ik op de paddestoel dat Wolvega ook rechtsaf kan.... Rechtsaf loopt het schelpenpaadje na 100 meter naar een ander bruggetje. Ik ben nieuwsgierig en stuur de Colly over het modderige paadje.


Hm.. Ik vind het wel de moeite waard het te proberen. Het is nou toch al een ratjetoe training geworden. Na het bruggetje wordt het een asfalt fietspad. Het loopt eerst over een dijkje richitng Oldemarkt en maakt dan een haakse bocht naar links en ik fiets langs het riviertje de Linde, die ook vlak langs onze woonwijk loopt. 
Na een kilometer of 5 kom ik op mijn woon-werkroute en ben ik met de wind in de rug en via de autowasserij snel weer thuis, zónder nat pak.

32,9 km
1:25 uur *inclusief gefotografeer, gewandel over de besneeuwde schelpenpaadjes en getreuzel bij de paddestoelen*