Tot nu vanmiddag. We rijden samen omhoog. Eens kijken welke tijd ik mag noteren. En dan na de onofficiële finish bij het fonteintje rijden we door over de Col de la Sarenne. Mij nog geheel onbekend en door mij nimmer begaan.
Beetje warm rijden voor de vorm. Het is snikheet, maar de spieren weten nog van niks. Piep, aan die Edge en gaan. Tot bocht 5, het panaroma, is volgens Johan het zwaarst. Hij rijdt wat op me uit. Het is inderdaad snik en snikheet. Mijn hoofd kookt onder die helm. Mijn bril voorkomt dat mijn ogen eruit vallen. Nou ja... zo voelt het. Ik draai bocht 5 door en zie Johan staan. Stil staan. Hij drinkt. Blijkbaar heeft hij zijn wraakactie op de tegenvallende tijd van vanmorgen al opgegeven. Hij stapt weer op als ik er bij ben en hij rijdt de hele rit achter me aan. Kan hij niet harder? Of wil hij niet harder? Worden hier dan wél cadeautjes weggegeven. Ik dacht het niet, toch?
Ondank de hitte vind ik het nog prima gaan. Ik rij met een stabiele hartslag rond het omslagpunt. Ik zie nog niet heel erg af, want dan zou ik al bochten aan het aftellen zijn. En dat ben ik niet. Het gat tussen Johan is groot. 150 meter? Ik kijk in een bocht eens achterom. Maar niet in elke bocht. Hij mag niet denken dat ik op het randje rijd om hem voor te willen blijven. Doe ik dat? Nee, niet echt. Maar hoe dichter ik bij de laatste bocht kom, hoe vaker ik vermoed dat het allemaal een spelletje is en hij zomaar even in de laatste bocht erop en erover gaat. Ik merk dat ik fiks geïrriteerd raak bij alleen al de gedachte daar aan. Mijn gedachten slaan natuurlijk helemaal nergens op, bedenk ik me vervolgens. Maar als hij het kán, dan moet hij nu maar, en niet in de laatste 500 meter, vind ik toch.
Hij nadert nu snel. Het gat wordt kleiner tot aan een meter of 20 in bocht 2. De fotograaf klikt plichtmatig met zijn camera. Johan blijft erachter. Ik finish ergens rond de tijd van 2 jaar geleden, nu 1:21 uur. Tja, 1:10 was leuker geweest, maar zo vind ik het ook wel best. Rijd ik volgend jaar toch gewoon die 1:10!!
Als Johan vertelt dat 'als je in die en die bocht had versneld zou ik moeten lossen' krijg ik wel een leuk gevoel.
We rijden verder de Alpe d'Huez op, passeren de vele wintersport vakantiecomplexen en laten dan de bebouwing achter ons. Voor ons ligt de laatste klim naar een prachtig cadeautje. Via een asfaltweg dat ook wel voor grindweg door kan gaan klimmen we naar 2000 meter hoogte en worden daar getrakteerd op een adembenemend uitzicht op kale Alpentoppen. Kale rotsen met mossig groen en als topping alvast een laag verse sneeuw. Vergeet die Ventoux maar! Als je ooit die Alpe d'Huez op fietst, rijdt dan nog even die paar kilometers door. Tandjes op elkaar en je bent er zo. Want dit mag je eigenlijk niet missen....
56 km
1579 hm
3:19 uur

4 reacties:
De Sarenne is inderdaad een vrij onbekend juweeltje. Hetzelfde geldt misschien nog wel sterker voor de klim recht tegenover Huez: De Col du Solude.
In Bourg d'Oisans de bordjes naar Villard-Notre-Dame volgen en je komt er vanzelf. Wel een lichtje meenemen (tunnels) en degelijke bandjes (laatste kilometer steenslag). Gelukkig ligt in de afdaling richting Ornon on-Frans goed asfalt.
3 jaar geleden dezelfde ronde gereden met alleen al toetje toen nog Les Deux Alps erbij. La Sarenne vanaf de Alp is pittig ivm de slechte weg. Maar de Afdaling is ook erg technisch zeker de eerts paar km.
Het ziet er daar prachtig uit boven op de berg. Dan wordt je toch echt beloond voor het klimmen als je van zo'n uitzicht mag genieten!
"Lees hier hoe ik graag deuken rijd in mannelijke wielerego’s"
Met een tijd van 1.21 op de Alpe 'd Huez mag je dan toch wel eens flink gaan trainen en afvallen...!
Wel stoer trouwens als je daarom gaat fietsen...
Een reactie plaatsen