Ik start vanuit het hart van de Weerribben, vanuit Kalenberg, en rijd langs de rietvelden en het kanaal, waar een flinterdun laagje ijs op ligt, dat weer bedekt is met een poederlaagje sneeuw. De zon verwarmt mij en de natuur niet, maar kleurt het riet wel mooi goudgeel. Ik stuur mijn neus in de wind en rijd aan de zuidwestkant de Weerribben uit.
Ik heb Johans wanten aan. Wanten met 3 vingers, als het ware. Of zijn het dan handschoenen? Er staat -5 graden Celcius op. En ik ben benieuwd of dat waar is. Djeez, wat is het koud. En het waait hard. In Blokzijl keer ik linksom en heb de 13 kilometer die naar Steenwijk volgt de wind in de rug. De weg is lang, maar het gaat best snel. Links van mij de Weerribben, recht de Wieden. Zullen we hier volgende week weer kunnen schaatsen?? Ik hoop het. Maar het ligt nu nog lang niet dicht. Mijn collega boswachter zei vanmiddag dat we dan een week vorst nodig hebben. Maar de lijntjes met de naburige schaatsclubs zijn strak aangetrokken. Dat weet ik wel!
Na anderhalf uur ben ik thuis, mooi gegokt qua tijd. Mijn voeten zijn bevroren (overschoenen vergeten) en mijn armen zijn rood van de kou (ondershirt vergeten), maar ik heb er een mooie duurtraining opzitten!
En ja, dat van die wanten klopt prima. Die kun je goed aan met met 5 graden onder nul.
34,7 km
1:29 uur

0 reacties:
Een reactie plaatsen