zaterdag 31 oktober 2009

Afzien in / is Schoorl

We zijn dit weekend neergestreken aan de Noord Hollandse kust. Weekendje uitwaaien, zeg maar. En dat doen wij natuurlijk op de fiets. Dus na een poging tot uitslapen (jammer dat debiologische wekker nog op half zes, half 7 en vervolgens 7 uur staat) in een niet al te best bed, stappen Johan en ik op de bosfiets en rijden vanuit Egmond aan Zee richting de start van het MTB parcours bij Schoorl. Volgens vele hét mooiste parcours in Nederland en daar kan ik mij ook wel achter scharen.

Het draait bij mij niet zo best en soepel vandaag. Bijna 6 maanden woelige baby-nachten, werkstress en de nodige sport inspanningen komen dit weekend naar de oppervlakte drijven in de vorm van algehele brakheid. Oei, dit weekend is veel te kort om bij te tanken. We fietsen dan ook maar rustig aan.

Maar op het parcours van Schoorl kun je niet aankomen met ‘rustig aan’. Daar is het zwemmen of verzuipen. Trappen of omvallen. In de eerste 6 kilometer wordt daar niemand rust gegund. Zo begint het al met de eerste klim, direct vanaf de start. Vele kaal gereden boomwortels op een pad dat ook nog met 14 procent omhoog gaat. Van alleen het aanblik al stijgt mijn hartslag naar de bovenste regionen en knijp ik automatisch in de remmen. Sjit. Dat is ook weer niet de bedoeling. Ik klik uit, draai om, loop 20 meter terug, en na 3 keer diep uitademen doe ik het nog eens over. Uiteraard kom ik nu zo maar boven, het zit tussen de oortje hè.

Dan volgt er een achtbaan van op en neer, kombochtjes, boomwortels en droge zanderige klimmetjes. Mijn hartslag stijgt in de afdalingen haast nog harder dan bergop, zoveel adrenaline komt er vrij. Je komt ogen tekort op dit parcours. Na een kilometer of 2 zet ik de Bully aan de kant. Even op Johan wachten die achter me zit, omdat hij mij eerder op de foto heeft gezet. Mijn hartslag staat op 190. Ik wacht tot deze is gedaald naar 170 en dan stappen we weer op. Johan voorop. Hij haalt het tempo iets naar beneden, dat help niet veel. Door de heftige start begint er een steek in mijn buik te zeuren. Het gaat wel, maar niet van harte.


Ah, fruitkick pauze aan de rand van het bos. We zijn bijna halverwege. Even 5 minuten uitblazen. Daar ben ik wel aan toe. De steek verdwijnt en voor ons ligt een kaal duin gebied. We kunnen weer, ik ga voorop. Na die mega steile duintop (leuk!!) zoeven we naar beneden en gaan verderop het bosgebied weer in. Voor mij in de verte 2 bikers. Ik fiets bij de laatste achterop, een dame. In de klim haal ik haar in. Dan haar maatje verderop. Hij gaat aan de kant. “Kom er maar langs hoor!” Tjong. Dat gaat ook nog zo maar. Ik zie mijn hartslag op 180 hangen maar mijn ademhaling is, in tegenstelling tot eerder, prima onder controle. Ik laat mijn benen maar eens het werk doen, in plaats van mijn longen en rug. Goeie actie, dat blijkt als ik zie dat ik niet alleen de 2 bikers ver achter me laat, maar ook Johan. Het parcours glooit hier stevig, maar dat heeft geen effect op mijn voorsprong. Tijd om achterom te kijken krijg ik hier niet. Later, veel later, gnagna, zet ik de Bully aan de kant om Johan op te wachten. Die weliswaar wat last heeft van een zere rib, maar mij toch zeker niet bij kon halen, laat staan bijhouden. Hij spreekt zelfs zijn vermoeden uit dat ik mij in de eerste kilometers zat in te houden.

Met nog steeds de goede flow rijd ik nu weer achter Johan en de laatste kilometers gaan over een soort bochtig single track. “Zit niet te drieven.” Is zijn commentaar als ik weer eens in de remmen moet op een klimmetje, om te voorkomen dat ik er voorbij rijd. Hihi.
Dan is daar een afdaling waar net een stapel zand is neergelegd ter verbetering van het parcours. We klikken uit. Je zal hier maar net je voorwiel in dat mulle zand vastzetten en over de kop buitelen. Johan klikt erna weer in, maar in de afdaling lukt het me niet, en ik hobbel er achteraan, na 15 meter lukt het dan toch, maar dan is Johan al bij me weg. Ik kruis een wandelpad en dan stijgt het weer flink. Is dit nou die laatste vieze, hééle lange klim? Dat was toch een veel bredere laan…? Ik pieker, draai al klimmend naar rechts, en dan zit ik inderdaad op dat brede bosbad. Johan is verderop aan het klimmen. Hartslag weer naar de 190. Ik kom langzaam dichterbij hem en kies het spoor dat hij ook rijdt. Ik zie hem een ruk aan het stuur maken, om een boomwortel heen. Ik denk nog: ‘oei, niet handig.” en dan blijkt het inderdaad niet de meest handige route, ik pak de boomwortel mee, heb geen vaart meer en moet uit de pedalen. Op 15% en 5 meter vóór de top!! Pissig klik ik uit en smijt de Bully op de grond. Sta uit te hijgen tegen een boom. Johan is inmiddels boven. Na een minuut –hij komt vanuit de bossages even polshoogte nemen, mét de camera nota bene- pak ik de bully op en loop 15 meter naar beneden. “Je gaat toch niet helemaal terug!!” roept iemand van boven. Ik negeer dat, stap weer op, keer om op een iets minder steil stuk en gebruik alle adrenaline om in een stoomtreinvaart de top te bereiken –nu rechts van die wortel langs-! Dat lukt dan probleemloos. Johan staat er hoofdschuddend bij te kijken.

Boven wordt er eerst uitgehijgd en dan moet de allerlaatste afdaling ingezet worden. Je kan hier kiezen voor de steile lastige afdaling, met in de laatste 10 meters een weer net zo’n steil klimmetje over 30 boomwortels, OF de Halfords afdaling. Mijn eer te na kies ik net als Johan voor de eerste. Maar na 10 meter voel ik mijn achterwiel wat wegglijden en knijp daarom in de remmen. Weer niet zo’n slimme actie van mij; uitklikken op een enge afdaling. Na 2 minuten heb ik mijn hartslag weer onder de 170, keer de Bully en klauter terug naar boven. Ondertussen heb ik al 4 bikers de Halford afdaling zien nemen, maar ik vertik dat. Op een strategisch punt kan ik snel weer opstappen en nu –zij het voorzichtig- draai ik de modderige kombocht in, naar beneden, maak vaart en weet 28 van de 30 boomwortel fietsend te nemen. “Bijna!” roep ik. Johan en ander bikend Schoorl staan te kijken. “Dat is al verder dan ik kwam,” zegt hij en ik zie hoe meerdere bikers halverwege stranden.

Tot zover mijn hour off glory. We fietsen uit over het fietspad naar het plaatsje Schoorl waar we het strand zullen nemen om terug in Egmond te raken. Met de fiets aan de hand ploeteren we door het mulle zand richting zee. Ik ben wat overmoedig en stap te vroeg op, om een halve seconde later met fiets en al om te kiepen. Ik blijf liggen in het zand, lig eigenlijk wel lekker zo. Voorbijgangers kijken eens om, en na 10 meter nog eens, en dan nog 3 keer, steeds wat ongeruster. “Waarom staat ze niet op?” Dat vraagt Johan zich ook af als hij polshoogte komt nemen. Nou vooruit dan maar.

Het strandfietsen met noppenbanden is nogal een karwei. We laten lucht uit de banden –ik net iets te veel denk ik- want ik heb me het toch een partij zwaar na 2 kilometer. Héééél in de verte zie ik de flats op de boulevard van Egmond. We rijden 14 per uur en steeds meer spieren in mijn benen beginnen zeer te doen. “Lijkt wel of ik de finale van de Marmotte aan het doen ben” verklaar ik naar Johan. Die niet snapt waarom we –ik- zo langzaam ga. Pff, nog zó ver. Als je dood gaat op het strand, dan ga je ook écht. Dan lijkt het maar niet op te schieten, die flats komen maar niet dichterbij. Eindelijk bij Egmond en moeten we alleen nog het strand weer af, waar ik ruim de tijd voor neem.

Zo. De spieren zijn leeg en mijn maag ook, maar mijn hoofd ook weer! En dat is toch de bedoeling van zo’n weekendje uitwaaien aan zee.

40,2 km
2:51 uur

zondag 25 oktober 2009

MTB tocht Diever

Wat een drukke agenda. Geen eens tijd gehad om hier over te bloggen. Dan maar even voor de statistieken:

43,3 km
2:19 uur

vrijdag 23 oktober 2009

Lekkerdelek

Aan het einde van de middag heb ik tijd. Gelukkig, want de zon schijnt, het is mooi weer. Ik ben voornemens 2 uur rustig te trappen, met een omweg langs de Weerribben naar Steenwijk en via Havelterberg weer naar huis.

Zover kom ik helaas niet. Na Steenwijk sla ik rechtsaf richting Onna. Dat is een gehucht op een bult ten zuiden van Steenwijk. Ik was er ooit eens doorheen gestuurd met de Edge als navigator. Nu reed ik op de gok, en ook vanaf de andere kant. Ik bleek in Onna rechts te moeten, maar deed dat niet en kom weer op de provinciale weg. En daar gebeurt het dan. Lek, op de rotonde net voor de Havelterberg.

Ik zet mijn Colly in de berm (niet op z'n kop, zo gevorderd bandenwisselaar ben ik dan ook weer wel) en frunnik de buitenband los. Geen lek te zien, maar toch was hij binnen een 200 meter zo plat als een duppie. Nieuwe band erin. Een wielrenner rijdt langs. Hij negeert mijn bandenwissel tafereel compleet. Dan de buitenband weer om de velg. Goeiedag, wat zit dat strak. Het kost me de grootste moeite, en ik moet -geheel tegen de bandenwissel geboden in- de bandenlichters gebruiken. Ik moet denken aan mijn vrachtwagenchauffeur van vorige week. Met zijn bare hands en 7 bar. Wielrenner 2 rijdt langs, hij zegt hallo. Pfff, denk ik. Hij zit! De buitenband. Dan de pomp. Herstel: het pompje. Dat sluit uiteraard moeiteloos aan op het ventiel en ik begin te pompen. En dat duurt en duurt, ik wissel van houding, en nog eens, en nog eens. Voel eens, druk hem nog bijna tot de velg. Een vrachtwagen stopt aan de overkant van de weg, hij moet daar zijn. De man rommelt wat bij zijn kiepwagen en besluit uiteindelijk de weg over te steken en polshoogte te nemen. "Kan ik helpen? Ik heb wel lucht hoor." en hij wijst naar zijn vrachtwagen. "Tja, dat zal vast niet passen op het ventiel." en ik beweeg -nog steeds pompend- mijn neus naar de lekke band voor zijn voeten op het fietspad. Hij bekijkt het. "Nee." Ik pomp door, hij staat me nog 2 minuten op mijn vingers te kijken en besluit dan dat hij maar verder moet. En weg rijdt de kiepwagen.

Na tig minuten pompen geef ik er de brui aan. Het is half 6. Ik zoek wel een fietsenmaker op in Steenwijk. Er zit net genoeg lucht in om daar heen te fietsen. Als ik Johan per sms op de hoogte breng van mijn vertraging -met het wiel nog tussen mijn benen- stopt auto 2, een koerier. Of hij kan helpen. Nee hoor, hij is al gewisseld. Denk je het te moeten hebben van je mede sporter, maar het zijn de chauffeurs die mij tot nu toe uit de brand (proberen te) helpen.

In Steenwijk klop ik aan bij de 'concurrent' die met een nors gezicht 7 bar in mijn voorband pompt. Na bijna 2 uur op de teller toch nog de rit volmaakt, maar fijn trainen is anders.

49,6 km
1:54 uur

dinsdag 20 oktober 2009

Lekker bosritjuh!!!!

Eindelijk tijd voor een bosritje. Eigenlijk zou die zondag al plaats hebben gehad, maar het komt nogal eens op schipperen aan, zo alles bij elkaar met 2 kids, 2 banen, 2 sporters en een huishouden. Een klein maasje in de planning en alles wordt omgegooid. Geeft niet, we verzinnen altijd wel een manier om te trainen.

Enkele uren eerder liep ik, sinds 10 jaar, weer eens de 5 kilometer. En nog succesvol ook. De manier waarop is gedenkwaardig: 16 rondjes om ‘het blok’. De jongste in bed en de oudste, plus babyfoon, bij de buren.
Voor deze bosrit was het beter geregeld: vriendjelief kwam speciaal eerder naar huis. Dus om 3 uur vanmiddag sta ik op de Havelterberg mijn mintgroene Bully van de auto af te laden. Om mij heen verzameld zich een grote groep mountainbikers. Allen in het blauw, van een of andere schaatsvereniging… Jonge mensen. Ik treuzel met opzet. Die groep wil ik zo niet achter me aan hebben.

Ik druk de Garmin op start en trap de eerste kilometers snel weg over het bekende parcours. Ik moet zeggen dat ik niet veel merk van die 5 kilometer eerder vanmiddag. Gunstig! Bij de eerste klim haal ik een van de blauwe MTB’ers bij. Een dame. Er rijdt ook een man bij. Ik haal ze in op de klim en zoef weer naar benden. Het gaat heel best. Het voelt snel.

Op weg naar het draai en keer duintje haal ik dame 2 en 3 bij. We ploeteren met ons drieën tegelijk de zandheuvel omhoog. De laatste 3 meter stappen we af en bovenop last dame 2 met instemming van dame 3 een pauze in. Ik stap op en ga door. Het draaien en keren is leuk, hier op dat duin. Ik zie mijn stuur af en toe in volle vaart en rakelings langs een boompje gaan. Niet bij nadenken.

De stukken over de akker gaan ook vlot. Ik besef weer dat ik wel erg blij ben met mijn nieuwe Rock Shock Reba vork! Wat een heerlijk ding. Een blik om mijn hartslagmeter leert me dat het hardlopen toch wel merkbaar is. De hartslag stijgt niet heel erg hoog. Maakt niet uit, als de benen nog maar werken. En dat gebeurt ook. Nadat ik nog een blauwe mtb’er nummer 4 heb ingehaald begin ik aan het laatste stuk single track. 2 kilometer voor het eind merk ik dat het beste eraf is. Ik klok af op 46 minuten en nogwat. Geen idee of dat snel is…. Ik heb geen referentie. Thuis maar eens navraag doen bij Johan. Het tweede rondje zet ik nog in, maar na 3 kilometer heb ik het gevoel alsof dit wel eens een heeeeel lang rondje gaat worden. Ik heb last gekregen van mijn buik ook nog. Tijd om af te taaien. Via een fietspaadje steek ik door naar de verharde weg en zoek ik de auto op.

En bij navraag: Ja dus, best snel voor zo’n tweede keer en met 5 hardloop kilometers in de benen. Een opsteker voor Apeldoorn, volgende maand. Want dat zag ik zo langzamerhand niet echt meer zitten...

20 km
1:10 uur

zaterdag 17 oktober 2009

Race Clinic Henk Lubberding


Het kost je een setje remblokjes, een clinic van voormalig profrenner Henk Lubberding. Maar het is zeer nuttig, voor iemand als ik. Die ooit -nog niet zo lang geleden- gewoon op zo'n racefiets ging zitten en verder maar wat probeerde.
Een bochtje om, een haarspeld in, en ook weer uit; binnendoor of buitenom? Remmen; voor of juist achter? Probeer wel wat. Omhoog; licht trappen of juist groot verzet?
Ademhalen; nee foute term, uítademen, veel belangrijker.
Schakelen vóór de bocht, aanzetten op 3 kwart ván die bocht en de achterrem gebruiken tíjdens de bocht, mits je door kan trappen. Druk op de pedalen houden, fiets naar beneden duwen.

Kan je je voorstellen dat het je na 4 uur lang draaien en keren en slalommen op 200 vierkante meter wel gaat duizelen? Ik stond dan ook te trappelen om de Veluwe nou eens op te zoeken met ons gemeleerd gezelschap: 4 leden van een Alpe d'Huzes team (voor het goede doel), allemaal vrachtwagenchauffeurs. Twee jonge knapen -tevens wedstrijdrijders- van 16 jaar oud. Eén met een lijfje van een 10 jarige en één met een lichaam van een 20 jarige. Verder nog wat toerrijders zoals ik, met de ambitie de Marmotte te rijden volgend jaar. Oók een dame van middelbare leeftijd, de Veluwe is haar thuishonk, vertelt ze me. En een aller aller beginner. Met het IQ van een snelspanner. Die al snel de bus op zocht na 3 kilometer Veluwe. Tja, soms telt 'alle begin is moeilijk'.

Omdat Henk graag praat -een algemeen bekend feit en nu dan ook door mij vastgesteld- reden we pas halverwege de middag de Veluwe tegemoet. Nadat zo ongeveer alle sturen en zadels waren verzet door Henk himself. Mijne inclusief. Hm, vooruit dan maar.
On y va! Onder de zonnestralen, over natte wegen.

Ik rijd voorop met een andere toerder, we mogen niet harder dan 25 per uur. Kort oefeningetje: licht schakelen en tempo maken. En dan uitbollen. "Wat is uitbollen?" vraagt de dame aan me als we voorop ergens boven komen.
Volgende oefening; bergop, grote plaat, zwaarste verzet. En dat alles in slow motion. En dan staan, stuur naar rechts, stuur naar links, rechts, links etc. Het stuur bij elke omwenteling de andere kant op. Alles traag. De groep valt uit elkaar. Terug naar beneden en nogmaals. En nogmaals. Dan weer door.

Lange weg langs de A50. Alles staand, huchie op huchie af. De Veluwe is in zicht. Lek 1. Er blijven een paar achter en de rest rijdt door. Verderop laat Henk ons keren, ik zie glas op het fietspad. Op hoop van zegen. Geen zegen: ik rijd lek. Lek 2. Henk rijdt terug naar lek 1, ik piel mijn bandje uit mijn zadeltas. Vrachtwagenchauffeur 1 grist mijn voorwiel weg en begint de band te wisselen. Ik vind het prima en ik eet mijn snackje en kijk met vrachtwagenbchauffeur 2 en een andere toerder toe. "Ga jij nou mijn band wisselen?" retorische vraag. "Tijdens onze fietsvakanties met vrienden komt het ook altijd op mij neer." zegt chauffeur 1, "maar ik hou wel van geëmancipeerde vrouwen." voegt hij er aan toe. "Och ja? Nou, ik hou wel van galante mannen." Hij krijgt hem zelfs op 7 bar.

We draaien een Veluws fietspad op en ik herken het zowaar. Henk stuurt chauffeur 1 met de dame en de Snelspanner het afstekkertje in en wij slaan verderop rechtsaf. Voor ons ligt een bekend klimmetje. Ik passeer mijn voorganger, gooi de rem eraf en trek de groep uit elkaar. Zo.

We hergroeperen, dalen en beginnen aan de klim van de Emmapyramide. Nu trekt de 16 jarige uit Sneek -door Henk "Friesland" genoemd- ook het gas open. Met Henk rijden we voorop. Ik passeer Friesland in een bocht en wacht boven op de rest. Henk laat de bochttechniek zien aan de andere kant van de berg. Wij kijken. Dan mogen we dalen. Voor me fietsen ze in de weg. Maar het asfalt is nat, dus voorzichtigheid is geboden. Onderaan keren we en we mogen nogmaals omhoog.

Iedereen slooft zich uit, ik ook. Het door Henk beloofde haantjesgedrag. Friesland rijdt voor me, maar zijn tempo zakt in de bocht en ook als het iets vlakker wordt. Moet hij op adem komen? Ik schakel juist óp in deze gevallen en moeiteloos steek ik hem voorbij. Henk roept: "Druk hem de bocht door! Goed zo!" Boven wachten we weer. Ik zie een enkele blik van een toerder mijn kant op gaan als ze hijgend boven komen. Hihi.

En we gaan wéér omlaag. Op de parkeerplaats stapt Snelspanner in de bus en moet chauffeur 3 van fiets wisselen door een niet te repareren lek. Lek 3. We beginnen aan de klim van de de volgende bult over de Boekhuizenseweg. (Hoe heet die berg??)
Henk besluit Friesland eens te pijnigen en ze rijden samen voorop. Ik zit er achter met nog wat renners. Er wordt tempo gemaakt door Friesland, die zijn hakken naar beneden moet doen van Henk. Ik check gelijk mijn positie. Best handig, zo'n trainer. We zwoegen omhoog. Achter mij vallen de gaten en ik rijd in Frieslands wiel omhoog. Daar is de top, ik kan er niet meer langs. Presteer nu ook op het randje. Samen komen we boven, hij voorop. "Chapeau!" roep ik als hij achterom kijkt.



Omdat lek 4 in tussen heeft plaats gevonden stuurt Henk de helft vast door. De minder snelle helft. De andere helft doet de klim nogmaals en dan rijden we de Boekhuizenseweg verder af richting Laag Soeren.
Die weg glooit stevig, omlaag, omhoog. Friesland maakt er een wedstrijd van. Ik volg. Henk ook. Als het weer wat daalt schakel ik op en zoef er langs en sla een gat. Henk roept: "Jij!! Achter die dame blijven! En kijken hoe zij het doet." Hihi, ik gniffel. De weg is lang zeg! Poe poe. "Doorrijden!" hoor ik Henk nog een keer roepen. Friesland en ik wisselen stuivertje. Dan is bij mij de pap op en de benen compleet leeg. Gelukkig is het eind van deze kwellende weg in zicht. Nu komen er nog 3 renners overheen en kort later kunnen we uitbollen. Einde Veluwe.

Er wacht ons nog een zo'n 15 kilometer windkracht 4 tegen, terug naar de boerderij. Friesland en ik nemen die voor ons rekening en we kletsen gebroederlijk over wielrennen. Na een ruime 65 kilometer én de uren om pionnen rijden ben ik heerlijk moe en voldaan. Het is immers al half 7 en ik ben wel aan eten toe. Kort worden er handen geschud en kan ik in de auto een uur bijkomen.
Een aanrader!

61,7 km
2:50 uur

zondag 11 oktober 2009

Zwemmen

Op de planning vandaag: mosselen eten bij schoonouders. Dus 's middags gaat de family in de auto en ik op de Colly.

Mosselen hebben eerst gezwommen voordat ze dampend op je bord belanden. Heel sympathiek heb ik ook gezwommen vandaag. Eerst met windkracht 4 half tegen, half van zij, naar Leeuwarden. En eenmaal in de provinciestad komt het hemelwater met bakken naar beneden. De hele weg naar Bergum moet ik om de 10 tellen knipperen met mijn ogen om het regenwater er uit te persen. Drijfnat tot aan het vel, mijn shirt plakt aan mijn lijf. Mijn sokken zijn doorweekt. Het water spettert alle kanten op vanonder mijn wielen.

En toch, met een bord mosselen in het vooruitzicht valt het nog wel mee. En het is nog niet heel koud, ik vries nog lang niet vast. Waarschijnlijk omdat ik al 2 uur in D2 zit te trappen. Lekker heftig, maar het gaat heel goed, goede vorm dus, vandaag. En kijk, daar is Bergum al en kort later sta ik al onder een warme douche.

Zulke dagen zullen er vaker bij zijn. Weet ik ook weer hoe dat is.

58,6 km
2:08 uur

vrijdag 9 oktober 2009

Let there be light!!


En zo heeft de herfst zich gesetteld, de fietspaden worden bedekt onder de bladeren en de regen valt in allerlei variaties. Gestaag, gekletter of gespetter. Hoe dan ook, gezien worden is op een racefiets belangrijker dan wat dan ook. Dus is de Colly op het stuur voorzien van een Sigma koplamp, achterop aan de zadelpen een rode variant daarop. Daarboven, geklikt aan het achterzakje van mijn longsleeve een bungelend Smart lampje. En als klap op de vuurpijl een Sigma mega schijnwerper op mijn helm. Zo rijdt deze kermis een anderhalf uur over donkere binnenweggetjes van het Friese land. Ik op de Colly, en voor mij de Sigma Vlinder. Het schijnsel van mijn helmlamp heeft de vorm van een vlinder. Voor me uit dansend op het wegdek, in het ritme van het gewiebel van mijn hoofd.


Het staat misschien wat raar -die agent, schrijvend naast een brommer, keek me met opgetrokken wenkbrauwen na-, maar auto's uit zijstraten zien mij véél eerder. Doordat ik hen al vanaf 100 meter afstand in hun porum zit te schijnen, haha. Er komt me ook een partij licht uit! Niet bij tegenliggers doen dus!

Na anderhalf uur, mét een vermoeiend maar succesvol D2 blok, ben ik weer thuis. De wintertraining is wat mij betreft begonnen.

40,1 km
1:29 uur

dinsdag 6 oktober 2009

Favo rondje

Ik heb de kans om vandaag overdag te trainen. Alles beter dan 's avonds natuurlijk. Dus in de ochtend zit ik op de colly. Met lange mouwen en kniestukken aan, maar ik kom er al snel achter dat dat een lange broek de betere keuze is voor de volgende keer. Niet dat het zozeer koud is, maar de vochtige koude lucht op de warme spieren is niet erg prettig.
Prima ritje over Oldemarkt, Steenwijk en de Eese, waarbij ik de duur ervan iets te overschat en al na bijna 1,5 uur in de Blesse ben. Ik overweeg nog een extra lusje te rijden om aan de geplande 2 uur te komen, maar het weer nodigt daar absoluut niet voor uit en de aandringende school- en oppastijden zoemen door mijn hoofd. Na wat rekenwerk besluit ik het hier maar bij te houden.
Prima training in weer 'waar niks an is'.

42,1 km
1:32 uur

zaterdag 3 oktober 2009

Aangeschoten wild

Ik kijk wel uit om met windkracht 6 op de racefiets te stappen. Net iets te veel van het goede om met een hartslag van 190 tegen de wind in te moeten stoempen en dan maar 10 kilometer per uur te rijden. De bosfiets wordt het dus vandaag.

Dus halverwege de middag hijs ik mezelf in Edura blauw en snor ik snel met de auto naar Havelte om daar op de Bully te stappen. Als de Forerunner eíndelijk satelliet ontvangst heeft -duidelijk apparaat van een ambtenaar- druk ik op start en zoek het parcours op. Alweer lang geleden en ik herinner mij nauwelijks iets van de route. Behalve dat stukje draaien en keren op een klein bergje van amper een tennisveld groot. In mijn hoofd komt dat vrij snel, maar de praktijk blijkt toch weer anders. Eerst gaat het nog wat op en neer over de flank van de Havelterberg.
Dan is daar dat 'tennisbergje'. Erg technisch. En erg mul ook, het zand onderaan de duin is kurkdroog. Het draaien en keren bovenop gaat wel aardig. Het blijkt een goede behendigheid oefening die ik wel kan gebruiken. Maar eenmaal beneden mis ik vaak weer de juiste 'aanrijd route' en kom ik die tennisberg niet meer fietsend op. Blegh!!!

Dan gaat de route weer langs weilanden en met windkracht 6 in de rug gaat het bijna te hard over de smalle single track. Ik draai het bos weer in. In de verte -alhoewel, 'verte' is relatief- hoor ik geweerschoten. Het militair oefenterrein ligt hier in de buurt. Eerst nog pang pang pang! Maar dan: rakketakketak! Rakketakketak!! Heel veel, heel hard. Hm, dit zijn geen paar Glockjes meer op rij, dit is serieus mitrailleurvuur. Zou de weekendlus -die door dit militair terrein gaat en alleen in het weekend, zoals de naam zegt, berijdbaar is- nu gesloten zijn? Dat zal dan wel.
Daar is de spiltsing. -Rakketakketak!- Waar ik grote rollen prikkeldraad en rood afzetlint verwacht staat -pang pang pang!!- er alleen een bordje van de MTB club. Dat je lid moet zijn of een dagkaart moet hebben. En de blauwe pijltjes worden nu bijgestaan door rode. De rode van de weekendlus gaan rechtdoor. Ik besluit toch de rode te gaan volgen.

Enóóórme brede zandstraten liggen hier. Er zijn vele tanks (?) doorheen gegaan en hebben sporen nagelaten van wel halve meters hoog. Het zijn net golven in de branding, maar dan van zand. Ik stuur en doorheen. Dan gaat de route afwisselend door kleine bossages en deze zeeën van zand. Uiteraard lukt het me niet om 'droog' aan de overkant te komen en uiteraard ben ik een keer te laat met uitklikken zodat ik met Bully en al -ware het in slowmotion- rechtsom kieper (uiteraard op de kant van de aandrijving, chapeau Marieke) en in het zachte mulle zand beland. Ik maak maar van de gelegenheid gebruik een pauze in te lassen voor een snackje.

Met mijn rug naar de wind speur ik, kauwend op mijn favoriete fruitkick, de open vlakte af waar ik voor sta. Ik merk nu pas dat het stil is. Geen wapengekletter. Hm, vreemd. Koffiepauze wellicht, het blijven toch ambtenaren. Of is er subiet een wapenstilstand afgekondigd nadat ik het oefenterrein op kwam keuvelen? Toch een lintje gemist? Ergens een subtiel klein rood vlaggetje over het hoofd gezien zodat nu heel gewapend Havelte met verrekijkers mijn gang volgt. Al heb ik geen lange blonde haren onder mijn helm uit, de rest van mijn voorkomen kan toch niet verhullen dat het hier om een dame gaat. Door de dienst portofoons gaat nu het gemopper. "Daar heb je weer zo'n vrouw, zitten alleen maar te kletsen op de fiets, weer een gevalletje 'vlag gemist'." Ik verwacht zo overal uit de grond rijzende microfoons - á la Teletubbies-; "Attentie allen: Code Chick-Mist, Code Chick-Mist!!"
Ik draai me eens om. Het is ook wel erg verlaten hier. Ik heb nog geen mtb'er gezien. Als ik op stap en als een Bambi de vlakte oversteek speur ik mijn jackje af of er niet een stiekem een rood laserlichtje op zit.
Goddank, het einde van de weekendlus is daar. En prompt word ik voorbij gestoken door een biker in een Gemeente Westerveld tenue. Als aangeschoten wild is hij zó weer uit het zicht. Tjonge, wat gaat dat hard. Ik probeer op het single track bij hem in de buurt te blijven, maar ondanks dat dat nog een poosje lukt (nahja, op 150 meter afstand) vergt het slalommen om de bomen wel erg veel energie. Met een rood hoofd van de net geleverde inspanning kom ik weer aan op de parkeerplaats waar de auto staat te wachten. Met een nog nooit zo laag gereden gemiddelde, zie ik op de forerunner.
Toch een leuk ritje wat mij betreft, snel maar weer doen!

donderdag 1 oktober 2009

Friesland in oktoberzon

Eerlijk toegeven: ik moest de motivatie om te trainen wel zoeken. De doelen waarvoor ik train zijn nog zo ver weg en dus moet de motivatie ook elders vandaan komen. Vandaag blijkt dat niet zo'n probleem: de zon schijnt al sinds de vroege ochtend boven Friesland!
De kritische schema-lezer kan zien dat ik eigenlijk gisteren een duurtraining had moeten afleggen en mórgen een krachttraining. Zo gebeurt het niet, want gisteren was ik te vermoeid. En vermoeidheid met een training is een slechte combinatie! Ik heb vandaag de tijd én het is mooi weer dus halverwege de middag besluit ik de 2 trainingen te combineren.

Het waait weer mega hard. Windkracht 5? Ik ben op weg naar Heerenveen over de parallelweg langs de A32. Ik ga van de omstandigheid gebruik maken en rijd blokken (blokjes) in de grootste versnelling tegen de wind in. Eerst 30 seconden, dan 1 minuut bijkomen, dan 40, dan 50 en als laatste voordat ik de klinkers van Heerenveen op rammel nog 1 minuut op de grootste plaat.
Om Heerenveen door te komen, slalommend om kuddes scholieren heen, moet ik bijna dwars door het centrum. Het is niet een erg slim gekozen route. Als ik bijna het dorp uit ben word ik gehinderd door een afgesloten weg. Ik zie dat ze in de verte bezig zijn nieuw asfalt te leggen. Dat werd ook wel tijd. Via een omzwerving kom ik uiteindelijk op de route terug.

Nog steeds heb ik tegenwind dus ik herhaal mijn blokjes krachttraining nog een keer. Dan draai ik naar het oosten, duik de snelweg onderdoor en doorkruis het natuurgebied De Deelen. Lekker uitpuffen met die wind in de rug. Alhoewel, het blijkt toch een zijwind te zijn, zo een die aan mijn wielen trekt en waarbij ik moet tegenleunen. Sneller dan verwacht ben ik in Tijnje. Een beetje op de gok, want ik kom hier ook voor het eerst, kies ik de route naar Gorredijk. Mijn plan om Beesterszwaag aan te doen laat ik varen, want dat duurt te lang (en ik weet niet hoe ik in Beesterszwaag kom, maar da's bijzaak). Nu krijg ik echt de wind in de rug en ben ik snel in Gorredijk en dan is de route mij weer bekend. Prima getimed kom ik na 2 uur weer thuis. Lekker gefietst.

53,5 km
2:02 uur